Lichaamstaal says it all

Jo (26) is een typisch Amsterdams meisje (euh... vrouw): ze doet belangrijke dingen in de marketing, hangt graag in hipsterbarren, pingelt een beetje op een gitaar en is iets vrijgezeller dan ze zou willen. En ze blogt, want dat hoort tegenwoordig. Jo gaat ohello uitproberen en jullie mogen mee. In gedachten dan.

Home sweet home! Of eigenlijk: home freeze home. Want wat is het hier KOUD! Maar ik ben ook wel blij om weer thuis te zijn. Ik weet het, dat hoor je eigenlijk niet te zeggen. Ik moet nu roepen dat ik zo snel mogelijk weer weg wil en zo. Maar ik vind Amsterdam gewoon megachill. Daarbij heb ik hier toch al zeker twintig minuten op een terras gezeten (voordat ik in mijn kippenvel naar binnen racete). En ik was alleen. Dat vind ik namelijk niet meer awkward sinds ik op Bali ben geweest.

Supergoed en independent van mij, maar ik ging wél weer meteen de fout in. Want in plaats van lekker om me heen te kijken, waar ik op Bali zo goed in was, greep ik stiekem toch weer naar mijn telefoon. Tja, sorry. De buit: een heleboel appjes over niks (ik word niet goed van al die groepsapps!) en een van vriendin Kiki. Zij is aan het daten en uiteraard wordt iedere scheet die de jongen in kwestie laat kapot geanalyseerd. Dat vinden vrouwen fijn, overal iets achter zoeken. En alles wat aardig bedoeld is in twijfel trekken. Hij zei wel dat ‘ie me wilde zien, maar hij kwam helemaal niet enthousiast over! Dat zo’n jongen je misschien gewoon best leuk vindt, is voor ons vrouwen geen optie.

Anyway, in dit geval hadden we de poppen helemaal aan het dansen, want hij had al 24 uur (!) niets laten horen. Alarmbellen all over the place natuurlijk. Ook in mijn hoofd, want ik heb vaak de neiging om het op te nemen voor de man in kwestie (komt denk ik omdat ik vier broers heb), en ik moet dus heel goed nadenken over wat ik zeg. Of schrijf in dit geval. Want zeker ‘zwart op wit’, zonder mimiek en intonatie, kan dat flink misgaan. De vorige keer dat hij drie seconden niks terugstuurde en Kiek in blinde paniek wilde weten wat er mis met haar was appte ik: Misschien had ‘ie gewoon even geen zin. Niks mis mee, toch? Blijkbaar wel, want ik kreeg niks meer terug. En dat duurde een halve dag. Als we tegenover elkaar hadden gezeten had ik meteen haar woede gezien en had ik mijn supergemene (??) opmerking kunnen herstellen. Ik typte: hij appt je zo, wedden? Goed afgehandeld, al zeg ik het zelf. En dat gebeurde ook. Gelukkig! Maar dit soort dingen bespreek ik in het vervolg toch liever face to face. Net als eigenlijk al het andere, want lichaamstaal says it all. En al helemaal als je iemand niet kent. Daarover gesproken: hoog tijd om weer op een hello te gaan! Volgende week vertel ik je alles. Helaas niet face-to-face!